1. Home>
  2. Nieuws & inspiratie>
  3. Verloning en loonkosten>
cenenindex

8 vragen over de centenindex

De regering-De Wever wil tweemaal een gedeeltelijke indexsprong uitvoeren. Over deze ‘centenindex’ staan nog heel wat vragen open. We geven alvast enkele antwoorden en concrete voorbeelden. Belangrijke opmerking: de wetgeving rond de centenindex is nog volop in voorbereiding. We informeren je op basis van de huidige stand van zaken, en passen aan zodra de regeling concreter wordt. Alle informatie is nu nog onder voorbehoud.

    1. Wat houdt de centenindex precies in?

    In België worden de lonen bijna altijd automatisch aangepast aan de levensduurte: de loonindexering. Er is echter geen algemene regeling. Elke sector kent aparte regels: een verschillend moment, of een ander percentage van loonindexering. De regering wil de normale indexering gedeeltelijk overslaan, en dat tweemaal.

    Voor brutolonen tot en met 4000 euro verandert er niets: die worden normaal geïndexeerd. Brutolonen boven 4000 euro krijgen een beperkte indexering. In plaats van 2% van hun werkelijke brutoloon (in een situatie waar de normale indexering 2% bedraagt), krijgen je werknemers maximaal 2% van 4000 euro erbij (80 euro), in 2026 en 2028. Voor uitkeringen ligt de grens op 2000 euro bruto.

    Daarnaast komt er ook een bijkomende patronale loonmatigingsbijdrage. De helft van het bedrag dat je bespaart, moet je immers storten aan de overheid.

      2. Hoe wordt de centenindex precies berekend?

      Dé index bestaat niet. Er zijn verschillende formules waarmee én momenten waarop privésectoren indexeren. We beginnen met een eenvoudig voorbeeld: een indexering van 2%, wanneer een bepaalde spilindex bereikt wordt (na de inwerkingtreding, uiteraard).

        Voorbeeld: indexcijfer van 2%

        Brutoloon Normale indexering Centenindex
        4000 euro + (4000*2%) = 80 euro (4000*2%) = 80 euro
        5000 euro + (5000*2%) = 100 euro (4000*2%) = 80 euro

          Nu maken we het iets moeilijker: we vertrekken van een indexering van 2,21%, op één vast moment in het jaar. Dat was bijvoorbeeld het geval voor PC 200 in januari 2026. Alleen was daar de centenindex nog niet van toepassing, omdat de wetgeving nog niet gepubliceerd is.

            Voorbeeld: indexcijfer van 2,21%

             

            Brutoloon Normale indexering Centenindex
            4000 euro + (4000*2,21%) = 88,4 euro + (4000*2,21%) = 88,4 euro
            5000 euro + (5000*2,21%) = 110,5 euro + (4000*2%)+(5000*0,21%) = 90,5 euro

              De centenindex geldt dus slechts voor 2%. Alles erboven wordt wel geïndexeerd. Is het indexcijfer lager (bijvoorbeeld wanneer je sector maandelijks indexeert), dan moet je de centenindex toepassen tot je de 2% bereikt hebt.

                Voorbeeld: twee opeenvolgende indexeringen van 1,9% (fictief!)

                 

                Eerste indexering Brutoloon Normale indexering Centenindex
                3500 euro + (3500*1,9%) = 66,5 euro + (3500*1,9%) = 66,5 euro
                5000 euro + (5000*1,9%) = 95 euro + (4000*1,9%) = 76 euro
                Tweede indexering Brutoloon Normale indexering Centenindex
                3566,5 euro + (3566,5*1,9%) = 67,76 euro + (3566,5*1,9%) = 67,76 euro
                5076 euro + (5076*1,9%) = 96,44 euro + (4000*0,1%)+(5076*1,8%) = 95,36 euro

                  3. Wanneer wordt de centenindex van kracht?

                  De regering was van plan om de centenindex door te voeren in 2026 en 2028, maar de wetgeving is op dit moment nog niet gepubliceerd. De indexeringen van nu verlopen dus zonder centenindex. Ook de volgende indexering van de ambtenarenwedden en sociale uitkeringen (maart 2026) zal naar alle waarschijnlijkheid nog op normale wijze verlopen. Een realistische startdatum is 1 april 2026. Dat zou betekenen dat sectoren die vanaf die datum indexeren de centenindex moeten toepassen. Dat zal voor sommige sectoren nog in 2026 zijn, voor andere wordt het sowieso 2027.

                    4. Ik indexeerde al eerder in 2026. Wat gebeurt er met die indexering als de centenindex er in april (of later) komt?

                    Niets. De indexering kan niet worden teruggedraaid. Indexeert jouw sector één keer per jaar in januari, zoals PC 200? Dan moet je de centenindex wellicht de eerste keer in januari 2027 toepassen – bij de eerstvolgende indexering.

                      5. Hoe wordt de drempel van 4000 euro berekend?

                      De drempel van 4000 euro geldt voor het voltijdse, vaste basisloon. Voor wie deeltijds werkt, wordt de drempel pro rata berekend. Bedrijfswagens, maaltijdcheques, maar ook premies en bonussen tellen niet mee.

                        6. Ik wil de lonen van al mijn medewerkers toch volledig indexeren. Mag dat?

                        Zo’n indexering is mogelijk in strijd met de loonnorm. Die bedraagt voor de jaren 2025 en 2026 0%, boven op de loonindexeringen en de baremieke verhogingen. De wetgeving rond de centenindex beperkt de loonindexeringen, dus alles erboven telt mee om te bepalen of een onderneming de loonnorm overschrijdt. Moeilijke materie, want dat vraagt een concrete berekening van de gemiddelde loonkost per voltijds equivalent in de onderneming over de volledige referteperiode.

                        Als de loonnorm geen belemmering is, dan mag het, maar houd er wel rekening mee dat je de patronale loonmatigingsbijdrage in elk geval zal moeten betalen. Je betaalt dus dubbel: de normale indexering, én de helft van de (theoretische, want niet genoten) besparing.

                          7. Hoe werkt de loonmatigingsbijdrage precies?

                          Door de centenindex bespaar je op je loonkosten. Maar de maatregel heeft ook een budgettair doel. De helft van de besparing door de centenindex moet je doorstorten naar de overheid. We keren terug naar ons eerste voorbeeld: daar bespaarde je 20 euro op een loon van 5000 euro. Inclusief patronale bijdrage van 25% wordt dat 25 euro besparing. Je stort dus 12,5 euro door naar de overheid. Merk wel op: dit is een sterk vereenvoudigd voorbeeld. De concrete berekening van de bijdrage is momenteel nog niet duidelijk, en zal zonder twijfel een stuk complexer zijn.

                          De nieuwe loonmatigingsbijdrage zou in elk geval gelden voor onbepaalde duur. Dus ook als je de centenindex niet toepaste, als je na de centenindex iemand nieuw aanwerft en zelfs als je nadien een bedrijf begint. Men redeneert immers dat het voordeel voor altijd blijft doorwerken. Op dit moment is daartegen sterke weerstand van werkgeversorganisaties, die ervoor pleiten om de loonmatigingsbijdrage tijdelijk te maken. Afwachten wat de wetgeving daarover zal bepalen dus. 

                            8. Welk effect heeft de centenindex op de volgende loonnorm?

                            Het effect van de centenindex wordt niet wettelijk geneutraliseerd in de berekening van de volgende loonnorm. In de toekomst kan de loonmarge daardoor stijgen. De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven berekent die marge door de loonkosten in België af te zetten tegen de loonkosten uit het buitenland. Als blijkt dat de lonen in België minder hard gestegen zijn vanwege de centenindex, verhoogt de marge om de lonen te verhogen – en komt er dus meer ruimte om over extra loonsverhogingen te onderhandelen. De besparing van de centenindex nu, kan zo al snel een loonsverhoging van morgen betekenen.

                            Conclusie: de centenindex geeft bedrijven de komende jaren wat zuurstof, maar minder dan wellicht gedacht. Overschat dus de opbrengsten niet, en bereken het effect op de totale loonkosten.

                              Wil je de impact van de centenindex en loonmatigingsbijdrage correct inschatten? Met SD Worx Budget maak je simulaties op maat van jouw organisatie.

                                Naar de Budgetmodule
                                BE_Person_Geert Vermeir_300x300

                                Geert Vermeir

                                Juridisch Expert

                                Geert Vermeir werkt voor het juridisch kenniscentrum van SD Worx. Met zijn rechtendiploma op zak (KULeuven), begon hij te werken als Legal Advisor en later als Knowledge Manager bij Securex. Na een decennium bij Securex trad hij in april 2008 in dienst bij SD Worx als Senior Legal Advisor. Sinds juli 2014 werkt hij voor het juridisch kenniscentrum. Als expert op vlak van arbeidsrecht en sociale zekerheid deelt hij zijn kennis onder andere als trainer in sociaaljuridische opleidingen.