Corona doet vier op tien Belgische bedienden voor het eerst telewerken

Belgen bij meest fervente telewerkers in coronacrisis

22 mei 2020

Meer dan zes op de tien (62%) Belgen die tijdens de lockdown actief aan het werk zijn, doen dat van thuis uit. Vier op de tien (41%) deed dat voor de COVID-19 crisis uitbrak nooit. Dat blijkt uit de eerste resultaten van een onderzoek door CASS Business School Londen, IESE Business School Barcelona en HR-dienstenverlener SD Worx. Belgiƫ scoort hoger dan het gemiddeld aantal thuiswerkers van 57 procent in de zes Europese landen waar het onderzoek werd afgenomen: Belgiƫ, Duitsland, Frankrijk, Nederland, Spanje, en het Verenigd Koninkrijk. Het onderzoek richtte zich op bedienden in loondienst.

Met 62 procent van de actieve bevolking die van thuis uit werkt, blijft België net als het Verenigd Koninkrijk (65%), Spanje (60%) en Frankrijk (59%) boven het gemiddelde van 57 procent. Nederland (55%) en vooral Duitsland (40%) hebben minder telewerkers. In Duitsland bleef dus zo’n 60 procent zoals voorheen naar de kantoren van hun werkgever trekken. De verschillen zijn voor een stuk te verklaren door een andere werkcultuur, de verdeling van de sectoren (meer of minder industrie of diensten bijvoorbeeld), de impact van de crisis van land tot land en uiteraard de uiteenlopende voorzorgsmaatregelen van de plaatselijke regeringen.

Telewerken

Lockdown mobiliseert bedrijven om over te schakelen op telewerken

Het coronavirus en de lockdown creëren uitzonderlijke werkomstandigheden en bedrijven zijn genoodzaakt om het anders aan te pakken. Voor meer dan vier op tien van de actieve Belgische bedienden is telewerken iets compleet nieuws. Twintig procent van de nog actieve kenniswerkers werkte voor de crisis occasioneel van thuis en doet dit nu voltijds. Voor 1 procent was het ook voor de lockdown al de dagelijkse manier van werken. De lockdown mobiliseerde dus heel wat bedrijven en hun werknemers om over te schakelen op telewerken. Twee op drie thuiswerkers maakten de overstap naar telewerken, iets waar ze voorheen nog nooit eerder mee in aanraking kwamen.

“De COVID-19 crisis heeft een revolutie teweeggebracht op vlak van telewerk, en in veel bedrijven is die transitie soepeler verlopen dan gevreesd. Zelfs in meer traditionele industrieën en loopbanen”, zegt Annelore Huyghe, professor aan CASS Business School. “Het is dan ook waarschijnlijk dat telewerken sterker ingeburgerd raakt en dat de toegenomen flexibiliteit en virtualisatie de norm worden. We zullen niet alleen meer mensen van thuis uit zien werken, maar mogelijk ook kantoorlocaties zien verdwijnen, steeds vaker online vergaderen en vermoedelijk ook minder zakenreizen.”

Twee op drie Belgen werkt evenveel thuis als op kantoor

Als we een kijkje nemen naar wat telewerken met de werktijd doet, dan blijkt dat voor de overgrote meerderheid niets is veranderd. 67 procent van de Belgische bedienden besteedt evenveel tijd per dag aan hun werk als voorheen. Zo’n 11 procent geeft aan meer te werken dan gebruikelijk, met een gemiddelde toename van bijna anderhalf uur per dag (1 uur en 24 minuten). Een op vijf respondenten (22%) werkt minder dan voor de lockdown, samen goed voor gemiddeld twee en een half uur (2 uur en 36 minuten) minder per dag. De uitersten liggen in Nederland, waar een kwart 
(24%) dagelijks gemiddeld drie uur en achttien minuten minder zou werken en in Spanje, waar 14 procent aangeeft dagelijks bijna twee uur (1 uur en 54 minuten) meer te werken.

Een eenduidige verklaring voor die schommelingen is er niet. Het feit dat er momenteel minder werk is, kan een rol spelen: ook mensen die nog op bedrijf of kantoor aan de slag zijn, besteden gemiddeld 18 minuten minder per dag aan hun job. Het wennen aan de nieuwe omstandigheden die het telewerken met zich meebrengt, kan ermee te maken hebben. Bedienden die voordien nooit met telewerken te maken hadden, besteden dagelijks tot zo’n 42 minuten minder aan werken. Bij hen die het eerder al soms deden, ligt dit op 30 minuten per dag. “Het is belangrijk om in het achterhoofd te houden dat het huidige, wijdverspreide telewerken ‘anders’ is”, merkt professor Jeroen Neckebrouck van IESE Business School op. “Het betreft geen vrijwillige keuze voor een of enkele dagen per week, maar een plots opgelegde en langdurige situatie.”

Katleen Jacobs, managing consultant bij SD Worx: “Bedrijven zagen zich door Corona genoodzaakt om snel te schakelen. Thuiswerk werd de norm en in eerste instantie werd vooral naar het logistieke aspect gekeken. We mogen echter niet uit het oog verliezen dat regelmatig thuiswerk een aantal spelregels met zich meebrengt. Enerzijds op juridisch vlak: moet er iets op papier worden gezet, mogen werknemers zelf kiezen wanneer ze werken, moet er een vergoeding betaald worden. Anderzijds moet er ook aandacht zijn voor de mentale gezondheid van de werknemers: geef als werkgever tips aan leidinggevenden, zorg voor betrokkenheid, … Duidelijke afspraken en een goede communicatie zorgen ervoor dat telewerk zonder problemen en in een sfeer van wederzijds vertrouwen kan plaatsvinden.”