Cash voor car kent moeizame start

20 juli 2018

Om het aantal bedrijfswagens terug te dringen en het fileprobleem aan te pakken, creëerde de federale regering de mobiliteitsvergoeding, ook gekend als cash for car: werknemers met een bedrijfswagen kunnen deze sinds 1 mei 2018 inruilen voor een extra bedrag in cash dat sociaal en fiscaal gunstig behandeld wordt. Uit eerste cijfers van HR-dienstenverlener SD Worx blijkt dat de maatregel voorlopig weinig succes kent: amper tweeëntwintig bedrijven maakten er tot nog toe gebruik van, goed voor drieëntwintig wagens die werden ingeleverd.

“Dat lage cijfer moeten we wat nuanceren. Enerzijds zijn er nog maar twee maanden verstreken sinds de officiële publicatie van de wetgeving. Heel wat werkgevers hebben daarop gewacht om effectief met het systeem te starten. Anderzijds kunnen werkgevers voorwaarden verbinden aan wie voor het systeem in aanmerking komt, bijvoorbeeld door het alleen open te stellen voor werknemers van wie de huidige bedrijfswagen einde lease is”, zegt Veerle Michiels, mobiliteitsexperte bij SD Worx.

Hoogst individuele keuze

Ook werknemers maken voor zichzelf de rekening. Met de mobiliteitsvergoeding verdwijnt de bedrijfswagen volledig van het toneel. De cash die men er aan over houdt, moet prioritair aangewend worden voor de financiering van de woon-werkverplaatsingen. De werkgever komt daar immers niet meer in tussen. De keuze voor de mobiliteitsvergoeding is hoogst individueel. Wie geen wagen nodig heeft, bijvoorbeeld omdat er al een tweede wagen in het gezin is of omdat men dicht bij het werk woont, zal sneller zijn wagen inruilen dan iemand die dagelijks heel wat kilometers moet pendelen.

Bij Gfk België ruilden twee medewerkers hun wagen in voor cash. “We stellen dit vanuit HR actief voor aan alle medewerkers met een bedrijfswagen waarvan de leasing einde contract is. Er is met name interesse bij medewerkers die dichtbij het werk wonen, vaak van thuis uit werken of veel op internationale zakenreis zijn. Het inleveren van auto en tankkaart brengt hen ongeveer 500 euro netto in de maand op. Dit is veel interessanter dan het brutobedrag van 350 euro dat wij geven aan medewerkers die vroeger al aangaven geen bedrijfswagen nodig te hebben. Eigenlijk zouden ook zij beloond mogen worden, omdat zij al vroeger voor alternatieven kozen. Hopelijk brengt het mobiliteitsbudget voor hen de oplossing,” stelt Lore Berden, Compensation & Benefits Specialist bij Gfk België.

Wetsontwerp Mobiliteitsbudget moet nog worden goedgekeurd in Ministerraad

Er hangt nog een andere mobiliteitsoplossing in de lucht: het mobiliteitsbudget. Hierbij zullen werknemers niet alleen voor een bedrijfswagen kunnen kiezen, maar voor een waaier aan vervoersmiddelen die hen het vlotst en op de meest milieuvriendelijke manier op het werk krijgen. Bij het mobiliteitsbudget kan de bedrijfswagen behouden blijven, maar dan moet hij minstens even milieuvriendelijk zijn als de bedrijfswagen die men opgeeft. Bovendien is het systeem niet alleen toegankelijk voor wie een bedrijfswagen heeft, maar ook voor wie ervoor in aanmerking komt. De regering bereikte in maart 2018 een principieel akkoord rond het mobiliteitsbudget. Dat werd intussen omgezet in een ontwerptekst, die nog moet worden goedgekeurd in de Ministerraad.

“Eens de contouren van het mobiliteitsbudget bekend zijn, kan de vergelijking met de mobiliteitsvergoeding beginnen en kunnen ondernemingen opteren om een van beide of zelfs allebei de systemen te implementeren. Veel zal afhangen van welk mobiliteitsbeleid men wil voeren. Zet men vooral in op “minder wagens” of op multimodaliteit waardoor werknemers in functie van de noden van de dag kunnen kiezen welk vervoermiddel best past?” zegt Veerle Michiels.

In december 2017 voerde iVox in opdracht van SD Worx en vacature.com bij 2000 werknemers en 500 werkgevers in België een onderzoek naar het mobiliteitsbudget en de mobiliteitsvergoeding. Daaruit bleek dat er nog erg veel onduidelijkheid was over de exacte inhoud van beide systemen. Van de bevraagde werkgevers kende 34% de voorwaarden van de mobiliteitsvergoeding, tegenover 27% die van het mobiliteitsbudget. Van de ondervraagde werknemers stond iets meer dan de helft open voor een mobiliteitsbudget. Er is dus wel degelijk potentieel voor.