Belg trapt in 2021 (een vijfde) minder kilometers naar het werk

Fietsvergoedingen en verplaatsingen dalen met 22% in 2021, maar meer mensen nemen de fiets naar het werk

28 maart 2022

In 2021 dalen de fietsvergoedingen en verplaatsingen met meer dan een vijfde (22%). Dat weet SD Worx, de grootste loonberekenaar in België, uit de loonberekeningen van ongeveer een miljoen werknemers in de privésector. Anderzijds stijgt het aandeel werkgevers die een fietsvergoeding geven én het aandeel werknemers met een fietsvergoeding. Steeds meer mensen nemen (al eens) de fiets naar het werk en krijgen daarvoor een fietsvergoeding. Oost-Vlaanderen, Antwerpen en West-Vlaanderen liggen op kop qua werkgevers en werknemers met fietsvergoedingen. Werknemers in Brussel en West-Vlaanderen fietsen in 2021 dan weer de meeste kilometers van en naar het werk.

Minder betaalde fietskilometers van en naar het werk in 2021

Door een analyse van de fietsvergoedingen kunnen we afleiden of er meer of minder kilometers woon-werkverkeer met de fiets is gebeurd. De werkgever mag de fietsvergoeding immers maar toekennen per effectief getrapte woon-werkkilometer. SD Worx stelt vast dat de gemiddelde afstand per jaar in 2021 met een vijfde is afgenomen. Het jaarlijkse mediaan bedrag per fietser nam af met een vijfde (-21,88%): van 92,16€ in 2020 naar 72,00€ in 2021. In vergelijking met pre-corona (2019) daalden de getrapte kilometers met meer dan een kwart (26,34%).

De fietsvergoeding is vrijgesteld van socialezekerheidsbijdragen en belastingen als een aantal voorwaarden vervuld zijn. Zo mag de werkgever deze fietsvergoeding enkel toekennen per effectief getrapte woon-werkkilometer én moet het bedrag een maximumgrens respecteren. Die lag in 2021 op 0,24 EUR per getrapte woon-werkkilometer; voor 2022 is dat 0,25 EUR. De toekenning van een fietsvergoeding is geen wettelijke verplichting. Heel wat sectoren maakten hierover echter al afspraken en legden deze vast in een collectieve arbeidsovereenkomst (cao). Werkgevers die onder het toepassingsgebied van dergelijke cao vallen, moeten deze uiteraard naleven. Als de sector niets voorzien heeft, kan de werkgever ook op eigen initiatief een fietsvergoeding toekennen aan de werknemers die hun woon-werkverplaatsing (deels) met de fiets afleggen.

“Gemiddeld genomen namen we minder vaak de fiets naar het werk. Corona en thuiswerk staken (toch even) stokken in de wielen van het woon-werkverkeer met de fiets(vergoeding). We zien de meest fervente fietsers (met de hoogste bedragen aan fietsvergoeding) bij de werknemers die tussen de 16 en 21 km van het werk wonen. Met de komst van de elektrische fietsen/speedpedelecs zijn dit haalbare fietsafstanden geworden”, licht Veerle Michiels, mobiliteitsexpert van SD Worx toe. Maar dat is niet alles.

Meer mensen nemen (al eens) de fiets naar het werk

Op jaarbasis stijgt het aandeel fietsers met een fietsvergoeding. In de totaalcijfers zien we dat het aantal fietsers naar het werk in 2020 en 2021 niet afnam. Er waren wel periodes met een dip, zoals in april 2020 (toen het hele land in lockdown ging) of in de herfst en winter van 20-21. Dat is deels de klassieke ‘winterdip’, maar ook deels te verklaren door corona en het verplichte thuiswerk.

2021 start als fietsjaar niet zo goed, maar in de loop van het jaar gaat het beter. In september zien we bijvoorbeeld één derde meer fietsers dan begin ‘21. Eerst zetde zomer van 2021 een goede fietsperiode in maar het is vooral de tweede helft van 2021 die het verschil maakt: de winterdip was kleiner, waardoor we op jaarbasis voor 2021 toch een lichte stijging zien van het totaal aantal fietsers met een fietsvergoeding.

Voor het totale jaar 2021 stijgt in Vlaanderen het aandeel werknemers met een fietsvergoeding in 2021 uiteindelijk naar 15,73% (t.o.v. 14,96% in 2020): dit is een stijging van 5,16%. Voor gans België zit het gemiddelde op 12,24% (een stijging van 5% t.o.v. gemiddeld 11,52% in 2020). De stijging was groter bij arbeiders (+12,35%) die wellicht minder thuis werkten; bedienden deden meer aan (verplicht) telewerk (slechts +1,21% stijging van bedienden met fietsvergoeding).

Veerle Michiels, mobiliteitsexpert van SD Worx: “In 2021 zien we dat in Vlaanderen meer dan één op zeven werknemers (15,73%) een fietsvergoeding krijgt voor de getrapte woon-werkkilometers. Dat is een lichte stijging, maar de vergoedingen (en de verplaatsingen zelf) zijn met een vijfde gedaald, mede door Covid-19 en het verplichte of aanbevolen thuiswerk.” De specialist vervolgt:“We zien de Belgische fietstoekomst wel positief evolueren: meer mensen nemen al eens de fiets naar het werk en krijgen hiervoor een vergoeding. In januari en februari van dit jaar is het gemiddeld aandeel werknemers alvast hoger (meer dan 8%) dan in dezelfde periode vorig jaar (rond de 6,5%). Wellicht zullen ook de gestegen brandstofprijzen meer mensen uit de auto en op de fiets krijgen. Werkgevers die hun kosten onder controle willen houden, kunnen het gebruik van de fiets (nog meer) promoten in het kader van de woon-werkverplaatsingen. De vrijgestelde fietsvergoeding die daar tegenover staat, kan daarbij een duwtje in de rug geven. Ook het hybride werken, deels van thuis uit werken en deels op kantoor, zal een effect hebben op het uiteindelijke aantal kilometers die werknemers al fietsend van en naar het werk afleggen.”

Oost-Vlaanderen op kop

Oost-Vlaanderen, Antwerpen en West-Vlaanderen liggen op kop, wat betreft het aandeel werknemers met een fietsvergoeding. Zo komt bijna één op vijf werknemers werkzaam in Oost-Vlaanderen (19,19%) regelmatig met de fiets naar het werk.

De jaarlijkse mediaanbedragen van de fietsvergoedingen geven een beeld van de effectief getrapte kilometers. In 2021 zijn de werknemers, werkzaam in West-Vlaanderen uiteindelijk het meest (betaald) met de fiets naar het werk gegaan, op de werknemers werkzaam in Brussel na. Werknemers werkzaam in Brussel vormen op zich de kleinste groep met fietsvergoeding, maar ze hebben wel de hoogste mediaanwaarde qua bedrag. Op jaarbasis leggen zij dus de meeste kilometers al fietsend naar het werk af. In deze regio zien we geen daling, net zo min als voor de werknemers in Vlaams-Brabant, die de minste kilometers betaald naar het werk fietsten in 2021.

SD Worx baseert zich enkel op de werknemers die hun woon-werkverplaatsingen (gedeeltelijk) met de fiets afleggen en hiervoor een specifieke fietsvergoeding ontvangen van hun werkgever. Het totale aantal fietsende pendelaars ligt waarschijnlijk nog een stuk hoger.

Een op vier Vlaamse werkgevers geeft een fietsvergoeding

In 2021 is er een stijging van het aantal werkgevers die een fietsvergoeding geven. Gemiddeld is dit ongeveer één op vier (of 26,95%) in Vlaanderen. Werkgevers in Oost-Vlaanderen, Antwerpen en West-Vlaanderen liggen op kop. Het voorbije jaar was de stijging qua werkgevers het grootst in Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Limburg.

Fietsen naar het werk is vooral een Vlaamse aangelegenheid. Kijken we naar de werkgevers die een fietsvergoeding toekennen, stellen we vast dat het succes ervan in Wallonië kleiner is. Het aandeel werkgevers ligt daar op minder dan 10%, maar ook daar zien we een stijging.

Over het onderzoek

SD Worx analyseerde het voorkomen van fietsvergoedingen in 2020, 2021 en begin 2022 voor alle vaste contracten; in totaal gaat het om een steekproef populatie van meer dan 1000.000 werknemers in 35.000 bedrijven; met ongeveer twee derden bedienden en een derde arbeiders. De statistische analyse formuleert inzichten op groepsniveau en zijn in lijn met de toepasselijke wetgeving, zoals de Algemene Verordening Gegevensbescherming. De br.on zijn de feitelijke loonsgegevens van SD Worx, de grootste loonberekenaar van België. De resultaten zijn bijzonder betrouwbaar door de omvang van de steekproef en de databron: ze zijn gebaseerd op werkelijke gegevens van de loonadministratie. De waarden zijn niet gewogen proporties, maar het onderzoek is representatief op vlak van basisparameters zoals geslacht, leeftijd, regio, bedrijfsgrootte.