Toplonen arbeiders situeren zich in de bouw

21 mei 2021

Maar liefst acht op de tien van de arbeidersfuncties met de hoogste lonen hebben een link met de bouwsector. Het gaat niet alleen om leidinggevende functies als werfleider en meestergast maar ook om uitvoerende jobs zoals isoleerder, boormeester, bekister, metser, asfaltwerker. Werfleider staat met stip op één met een uurloon van meer dan 20 €, gevolgd door jobs als meestergast/ploegbaas, waarmee je ook in de industrie aan de slag kan. Ook koeltechniekers zijn nodig in bouw én industrie. Drukker (op plaats vijf) en CNC programmeur (voor werktuigen) (op plaats tien) zijn de enige beroepen die geen link hebben met de bouwsector. Dit weten we uit de laatste benchmarkcijfers van meer dan 8000 bedrijven met meer dan 130.000 arbeiders. In totaal brengt SD Worx zo 106 referentiefuncties in kaart.

Top 10 lonen arbeiders: acht op de tien functies gelinkt aan bouw

Kim Van Houtven, consultant bij SD Worx: “De bouwsector telt heel wat knelpuntberoepen. Minder bekend is dat deze sector ook zeer goed betaalt: de minimumbarema’s liggen relatief hoog. Bovendien zijn er functies waarvoor werkgevers boven barema betalen, omwille van de vereiste scholing zoals werfleider. In de bouw is de mediaan waarde voor deze job 21,70€ per uur. Het zijn jobs waarvoor je vroeg uit de veren moet, je soms ver moet verplaatsen, maar daar staat een mooie vergoeding tegenover.“ De adviseur vervolgt: “Maar afhankelijk van de functie kunnen ook organisatiegrootte en regio een rol spelen. Een werfleider heeft kans om meer te verdienen in een groter bouwbedrijf, maar regio speelt minder. Het loon van een meestergast of metser varieert dan weer wel in functie van de regio, maar niet naargelang de organisatiegrootte. Metselwerk betaalt bv. beter in Limburg, West-Vlaanderen, Antwerpen en Brussel (18,48€ mediaanwaarde). De andere regio’s iets minder.

graph

De mediaan is de middelste waarde: de helft van de arbeiders verdient meer; de helft minder.
Bron: SD Worx 2021 reward databank (arbeiders) SD Worx
*zonder rekening te houden met leeftijd, anciënniteit, regio, organisatieomvang of sector

Het bruto normuurloon voor arbeiders wordt als volgt berekend: het reëel uurloon (bruto) omgerekend naar een 38u werkweek, en exclusief bijkomende vergoedingen zoals ploegenpremies, variabele vergoedingen, etc. De mediaan is de middelste waarde: de helft van de arbeiders verdient meer; de helft minder.

Niet alle knelpuntberoepen betalen zo goed

In januari 2021 tellen de bouwberoepen in Vlaanderen maar liefst 33 knelpuntfuncties. Er spelen drie mogelijke oorzaken, soms een combinatie: er bieden zich teweinig kandidaten aan, het profiel van de kandidaten sluit niet aan (ervaring, opleiding) en teweinig kandidaten door de specifieke arbeidsomstandigheden. Bij bouwtechnici zoals werfleider, maar ook installateurs spelen de eerste twee oorzaken. Specifieke arbeidsomstandigheden spelen voor de arbeiders in de wegbouw (asfalteerders). Teweinig ervaring speelt bv. bij metsers, zo stelt het laatste rapport van de VBAB. In de top 10 van de knelpuntberoepen in Vlaanderen zijn er drie in de bouw: Conducteurbouw/werfleider (op plaats drie), calcularor bouw (op plaats zes) en Technicus studiebureau bouw (op plaats zeven).

In Brussel staat voortaan ook ‘bouwvakker gespecialiseerd in renovatie’ ook op de lijst van knelpuntberoepen, naast elektriciens en dakdekkers.

Ook in Wallonië mankeren werkgevers metsers, elektriciens, werfleiders, schrijnwerkers, plafoneerders, koeltechniekers, installateurs van verwarming en houtstructuren.

Mooie extra’s

In het paritair comité van de bouwsector (PC 124) zijn er tussen de sociale partners heeft wat zaken vastgelegd en dus verplicht. In de bouw hebben we op sectoraal vlak o.a. volgende voordelen:

  • Naast de verplaatsingsvergoeding (vergoeding kost verplaatsing woon-werkverkeer) krijgen arbeiders een mobiliteitsvergoeding. Deze vergoeding is afhankelijk van het aantal kilometers dat men aflegt. Ze is anders voor een passagier dan voor een bestuurder;
  • een betaalde mobiliteitsdag voor de arbeiders die op jaarbasis een mobiliteitsvergoeding ontvangen voor meer dan 43.000 km/jaar;
  • een promotievergoeding: jaarlijks 1% van het nog terug te betalen kapitaal van de hypothecaire lening hoofdverblijfplaats met een minimum van 12,39 euro en een maximum 383 euro;
  • een hospitalisatieverzekering (voor de arbeider zelf – niet voor de gezinsleden);
  • een aanvullend pensioen. Het bedrag van de premie is afhankelijk van het loon en het aantal jaren dienstanciënniteit;
  • in de sector heeft men geen traditionele 13e maand, maar wel een getrouwheidspremie van 9% van het verdiende brutoloon aan 100 % in de periode van 1 juli 2020 tot en met 30 juni 2021;
  • ecocheques van 100 EUR (bedrag voor een voltijdser);

Niet verplicht zijn : collectieve voordelen zoals bv. maaltijdcheques. Ongeveer vier op tien arbeiders in de bouw krijgen maaltijdcheques.

In de praktijk

De Groep Vanhout, deel van BESIX Group, is actief in een brede waaier van bouwactiviteiten: kantoorgebouwen, utilitaire en residentiële projecten, zwembaden, zorgprojecten en industriële productie-eenheden. Met vijfhonderd medewerkers, projecten in heel het land en een hoofdzetel in Geel, duidt Ronny Eijckmans, CEO Groep Vanhout de uitdagingen: “De mobiliteit van onze mensen blijft een belangrijke uitdaging; de verplaatsingsvergoedingen zijn weliswaar meegenomen doch de meeste mensen vinden dat deze niet in verhouding staan met de tijd die ze onderweg zijn, zeker niet als er files op het traject zijn. Tegenwoordig willen onze Belgische vakmensen liever dichtbij werken en een uur langer werken, dan in een camionette te zitten. Al is niet iedereen hetzelfde. Daarom is het jammer dat er geen mogelijkheden zijn om meer individueel en op maat te kunnen verlonen. Sommigen zouden bv. wel graag een fiets willen kiezen via het werk maar het strikte wettelijke kader beperkt de mogelijkheden. Ook betaalt de werkgever ‘weerverlet- en getrouwheidszegels’, in totaal zo’n 11% van de brutoverloning er bovenop,“ weet Ronny Eijckmans van Vanhout. “Dit jaar zetten we wel weer een bonusplan voorop, waardoor we werken aan onze gezamenlijke doelstelling qua veiligheid. Hierop zijn minder belastingen verschuldigd, een mooi extraatje voor onze mensen. Het is een evenwichtsoefening: als werkgever wil je marktconform verlonen, want met te hoge lonen zou je jezelf uit de markt prijzen.”