Bedrijven voeren loonsverhoging op verschillende manieren in

2 februari 2017

Antwerpen, 2 februari 2017 – Het door de regering goedgekeurde sociaal akkoord voorziet ruimte voor een loonsverhoging van 1,1% in twee jaar, buiten de voorziene index. HR-dienstverlener SD Worx vroeg aan bijna duizend Belgische bedrijven hoe zij de loonsverhogingen toepassen.
Bedrijven zijn verplicht om de afspraken op te volgen die de sector waarvan ze deel uitmaken hierover maakt. Voor iets meer dan de helft van de bedrijven (53%) houdt het hiermee ook op – zij volgen gewoon de sectorale invulling. Iets meer dan een kwart (27%) regelt een bijkomend stuk van de loonsverhoging via een eigen loonbeleid; 19% geeft bovenop de sectorale afspraken nog een extraatje als ze er de financiële ruimte voor hebben en uiteraard op voorwaarde dat ze binnen de loonnorm blijven.

Jan Vanthournout, juridisch adviseur bij SD Worx: “Uit de cijfers blijkt dat de sector een grote impact heeft op het toepassen van de loonsverhogingen. Dat is duidelijk en goed. Daarnaast zien we dat een groot deel van de bedrijven liever zelf meer te beslissen zou hebben over hoe de loonsverhogingen toe te passen. Hoe groter het bedrijf, hoe groter die ‘goesting’ om zelf te kunnen bepalen.”

Extraatje als het kan

Het zal niet verbazen dat 80% van de bedrijven tot vijf werknemers geen eigen loonbeleid heeft, terwijl 40% van de bedrijven met meer dan honderd medewerkers dat wel heeft. Daartegenover staat dat 20% van de kmo’s tot honderd medewerkers het wel ziet zitten om nog iets extra’s te doen als de financiële middelen daarvoor aanwezig zijn. Bij een groter bedrijf, gebeurt dat minder spontaan.

Jan Vanthournout: “Het blijft afwachten hoe de sectoren zullen omgaan met de invulling van die 1,1%. Als een sector die verhoging collectief en lineair invult, zoals de 250 euro extra die enkele jaren geleden werd toegekend aan alle bedienden van het paritair comité 200, blijft er weinig ruimte over voor het individuele bedrijf om ‘iets’ te doen binnen de eigen baremastructuur of om goede presteerders extra te verlonen. Die extra’s hangen dan vooral af van de financiële resultaten. En dan kan een kleinere kmo soms wendbaarder omgaan met ‘het momentum’ dan een groot bedrijf.”

Tot slot: er zijn ook regionale verschillen. Van de Brusselse bedrijven volgt 41% louter de sectorafspraken. Bij hun Vlaamse collega’s is dat 56%, bij de Waalse bedrijven 66%.