Bijzonder sterke stijging langdurend ziekteverzuim sinds 2008

29 maart 2012

Terwijl het kortdurend ziekteverzuim op dezelfde hoogte blijft (2,44%) als de voorbije jaren, stelde SD Worx een verontrustende stijging van het langdurend verzuim vast. Sinds 2008 is ziekte van meer dan één maand met maar liefst 47% gestegen (van 1,56% naar 2,29%).
  • Kortdurend verzuim stagneert, maar kost bedrijf met 100 werknemers 85.200 euro per jaar
  • Stijging langdurend verzuim sterkst bij arbeiders, 50-plussers en in Wallonië
  • België botst op grenzen citroenloopbaan

Deze stijging is algemeen zichtbaar in zowel Vlaanderen, Wallonië als Brussel en is op te merken bij arbeiders en bedienden en in zowat alle sectoren. De stijging is echter het sterkst merkbaar in Wallonië (+ 51%), bij arbeiders (+ 49%) en bij werknemers vanaf vijftig jaar.

De oorzaken zijn divers: naast een vergrijzing van de werknemers­populatie zijn arbeidsomstandigheden, zware motivatieproblematieken, stress en burn-out en fysieke aandoeningen mogelijke oorzaken. De kost voor de maatschappij is aanzienlijk, omdat ziekte langer dan een maand grotendeels voor rekening van de sociale zekerheid is. De grenzen van het ‘citroenloopbaanmodel’ zijn blijkbaar bereikt. “Naast demografie en arbeidsmarktkrapte dwingt deze ontwikkeling ons om werk te maken van een nieuw, flexibel loopbaanmodel,” zegt Luc Dekeyser, directeur van het Kenniscentrum van SD Worx.

Kortdurend ziekteverzuim

Zoals elk jaar onderzocht SD Worx het ziekteverzuim in België. De steekproef voor 2011 bestond uit 460.057 medewerkers van 15.242 organisaties uit de privésector.

29-03-2012 grafiek NL
Met 2,44% situeert het kortdurend ziekteverzuim zich op het niveau van de voorgaande jaren. Hoewel er in 2011 geen stijging valt vast te stellen, blijft de kost voor de werkgevers aanzienlijk. In 2011 was een Belgische werknemer (VTE, voltijds equivalent) gemiddeld 48 uur ziek, wat zijn werkgever gemiddeld 852 euro kostte. Dit bedrag omvat louter de loonkost van de niet-gepresteerde uren en niet de omvangrijke indirecte kosten zoals productiviteit- en kwaliteitsverlies, vervanging van de zieke werknemer, stijgende werkdruk en motivatieverlies bij collega’s. De steekproef gaf voor 2011 aan dat vrouwen gemiddeld meer ziek waren (56 uur) dan mannen (44 uur). Daarnaast geven de resultaten ook aan dat arbeiders (62 uur) meer kortdurend afwezig waren in 2011 dan bedienden (41 uur).

Kortdurend ziekteverzuim is afwezigheid wegens ziekte gedurende minder dan een maand. Voor werkgevers is deze vorm van verzuim de meest storende. Het loon van arbeiders en bedienden is namelijk gedurende 30 kalenderdagen gewaarborgd en maakt zo de belangrijkste kost uit van het ziekteverzuim.

Stijging langdurend ziekteverzuim met 47% sinds 2008

Veel opmerkelijker is de bijzonder sterke stijging van het langdurend verzuim. Dat is een ziekteperiode langer dan een maand, waarvan de kost bijna uitsluitend voor de sociale zekerheid is. In de periode 2002-2008 schommelde dit langdurend verzuim tussen 1,49% en 1,6%. Sinds 2008 is een scherpe wijziging merkbaar van 1,56% naar 2,29%, wat neerkomt op een stijging van 47%. Opvallend is ook dat het verschil tussen lang- en kortdurend verzuim in de loop der jaren kleiner is geworden. Bij arbeiders is er sinds 2010 zelfs meer langdurend dan kortdurend verzuim.

Deze tendens is algemeen merkbaar:
  • België: van 1,58% naar 2,29% ( +0,71%)
  • Vlaanderen: van 1,6% naar 2,3% (+0,7%)
  • Brussel HG: van 1,25% naar 1,91% (+0,66%)
  • Wallonië: van 1,94% naar 2,93%(+0,99%)
  • Arbeiders: van 2,47% naar 3,69%(+1,22%)
  • Bedienden: van 1,08% naar 1,55% (+0,47%)
  • Secundaire sector: van 1,75% naar 2,52% (+0,77%)
  • Tertiaire sector: van 1,3% naar 2,03% (+0,73)
  • Quartaire sector: van 2,03% naar 2,69% (+0,63)

Sectoren waar het langdurende verzuim het hoogst is zijn: de tabaksindustrie, landschapsverzorging, sociale dienstverlening, de papiernijverheid, vervoer te land en vervoer via pijpleidingen, beveiligings- en opsporingsdiensten, de bouwsector en de voedingsindustrie.

50-plussers zijn vaker langdurig ziek

Een andere opmerkelijke vaststelling is dat het langdurend verzuim stijgt met de leeftijd. Oudere werknemers zijn vaker langdurig ziek dan jongeren. Zo zijn veertigers vaker langdurig ziek dan dertigers, en dertigers vaker dan twintigers. De sterkste stijging sinds 2008 is echter vast te stellen bij 50-plussers. 

29-03-2012 tabel NL

Daar waar de redenen voor kortdurend ziekteverzuim voor de hand liggen, speelt bij langdurige ziekte echter een andere problematiek en spelen verschillende, al dan niet wisselende, factoren een rol. Zo is de werknemerspopulatie de laatste jaren steeds ouder geworden, maar spelen tevens arbeidsomstandigheden en zware fysieke belasting bij arbeiders een belangrijke rol.
Daarnaast kan er ook sprake zijn van een zware engagementproblematiek (stress, burn-out, demotivatie, gebrek aan erkenning). Uit de NV België 2010 van SD Worx, een bevraging bij 5000 werknemers, blijkt dat langdurige verzuimers negatief scoren op vragen over stressniveau, tijdsdruk, mentale en lichamelijke belasting van hun job, hoewel de hoeveelheid werk van aanvaardbaar niveau blijkt te zijn. Factoren waaronder langdurig zieke werknemers echter het meeste lijden, en waarin ze het sterkst verschillen van niet-verzuimers, zijn gebrek aan erkenning.

Langdurig zieken hebben doorgaans ook weinig vertrouwen in het management en hun leidinggevenden. Ze zeggen vaak het niet eens te zijn met de visie en de strategie van de organisatie, waardoor er sprake is van een echte ‘mismatch’ met de organisatie. Deze mensen voelen zich niet op hun plaats in het bedrijf waar ze werken.

De grenzen van de citroenloopbaan

Tot slot kan het sterk toegenomen langdurend verzuim verklaard worden als een reëel effect van de ‘citroenloopbaan’. Belgische organisaties en de Belgische samenleving botsen nu op de harde realiteit. Een loopbaan waarin mensen gedurende dertig jaar uitermate zwaar worden belast, blijkt uit te monden in een hoge uitval wegens langdurige ziekte. De kost voor de maatschappij is aanzienlijk, omdat ziekte langer dan een maand bijna uitsluitend voor rekening van de sociale zekerheid is.

De grenzen van het ‘citroenloopbaanmodel’ zijn bereikt. ”Naast demografie en arbeidsmarktkrapte dwingt deze ontwikkeling ons om werk te maken van een nieuw, flexibel loopbaanmodel,” zegt Luc Dekeyser, directeur van het Kenniscentrum van SD Worx. "De oplossing voor vergrijzing en arbeidsmarktkrapte ligt dus niet alleen in langer werken. We moeten de loopbaan heruitvinden, en anders omgaan met medewerkers tout court,” aldus Luc Dekeyser. ”Concreet betekent dit: andere werkomstandigheden (ergonomie), investeren in groei, ontwikkeling en coaching. Remotie, projectwerking en jobnegotiatie kunnen hier oplossingen bieden. We moeten mensen durven los te laten om opnieuw te gaan studeren. We moeten medewerkers toestaan om minder verantwoordelijkheid te nemen, minder uren te werken, te telewerken en waar mogelijk zelfs zelfstandig te worden om zo weer voor de organisatie te komen werken. Een duurzaam, pro-actief hr-beleid gericht op elke indivuele medewerker is een absolute noodzaak."

Over SD Worx

SD Worx biedt onder het ‘Proxy’ label specifieke dienstverlening aan kmo’ers aan, ook over het maken van afspraken rond de extralegale voordelen. De Divisie Kmo van SD Worx telt 340 medewerkers.
Samen staan ze in voor meer dan 34.000 kmo-werkgevers die in totaal meer dan 225.000 werknemers tewerkstellen. De dienstverlening is, via meer dan 25 kantoren, sterk regionaal uitgebouwd. Elke regionale kmo-ploeg biedt een totaaldienstverlening rond loonberekening, sociale wetgeving en personeelsbeleid, met praktisch advies van een vertrouwenspersoon die de kmo-problematiek door en door kent.