Binnenkort eenvoudiger buitenlandse werknemers inzetten via single permit

Door Geert Vermeir - 3 augustus 2018 - Leestijd: 3 minuten

Internationale tewerkstelling

De langverwachte single permit is bijna realiteit. Daardoor regel je met één aanvraag de arbeids- en verblijfvergunning van niet-EU-burgers. Zo wordt het voor jou eenvoudiger om buitenlandse krachten in te zetten.

single permit arbeidsvergunning

Momenteel worden arbeidskaarten en verblijfsvergunningen verleend via aparte procedures. Eerst moet je een arbeidskaart aanvragen voor je toekomstige medewerker, waarna de persoon in kwestie een visum aanvraagt. Na aankomst in België kan hij of zij aan de slag en de procedure opstarten om een verblijfsvergunning te krijgen. Dat hele proces wordt nu dus samengevoegd tot één aanvraag en één vergunningsdocument. Het gevolg: minder administratie voor jou én je potentiële werknemers, waardoor werken in België aantrekkelijker en eenvoudiger wordt voor niet-EU-burgers.

Hoe werkt de single permit?

De single permit geldt enkel voor economische migranten: niet-EU-burgers die langer dan 90 dagen in België willen werken. Duurt de tewerkstelling minder dan 90 dagen, dan blijft de oude procedure gelden.

Als toekomstige werkgever dien je in principe zelf een aanvraag voor single permit in voor de werknemer, bij de gewestelijke migratiedienst. Heeft je toekomstige medewerker al een arbeidskaart? Dan blijft die geldig. Je hoeft pas een single permit aan te vragen twee maanden vóór de vervaldatum van de huidige vergunning.

In twee gevallen dient de werknemer zelf de aanvraag in bij de dienst Economische Migratie van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg:

  • de aanvrager wenst een arbeidskaart A, een vergunning om gelijk welk beroep in loondienst uit te oefenen bij om het even welke werkgever en dit voor een onbeperkte duur;
  • de ‘langdurig ingezeten’ medewerker is al 12 maanden of langer aan het werk in België.

De bevoegde regionale migratiedienst stelt een dossier op en bezorgt een kopie aan de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ). Beide diensten moeten onafhankelijk van elkaar hun fiat geven over het dossier. De toelatingen om in België te verblijven en werken, zijn immers onlosmakelijk met elkaar verbonden: een niet-EU-onderdaan mag hier enkel komen werken als hij hier mag verblijven en omgekeerd.

De instanties hebben maximaal vier maanden de tijd om de dossiers te beoordelen. Keuren beide organen de aanvraag goed, dan wordt de single permit aan de werknemer bezorgd. Vanaf het moment dat een van beide instanties de aanvraag negatief beoordeelt, wordt de vergunning niet verleend.

Wat heb je nodig om de single permit aan te vragen?

Deze documenten moeten in het aanvraagdossier worden opgenomen:

  • een kopie van het (geldig) paspoort van de werknemer of een daarmee gelijkgesteld reisdocument;
  • een bewijs dat de werknemer over voldoende bestaansmiddelen beschikt. De arbeidsovereenkomst of een detacheringsovereenkomst volstaan.
  • een attest met de duur van tewerkstelling en, indien van toepassing, het btw-nummer van de onderneming in kwestie;
  • het betalingsbewijs van de retributie (350 EUR). Sinds 2015 moeten buitenlanders immers administratieve kosten betalen als ze in België willen verblijven, ook om te komen werken;
  • een uittreksel uit het strafregister dat verklaart dat de werknemer niet veroordeeld is geweest voor misdaden of wanbedrijven van gemeen recht;
  • een medisch attest;
  • een bewijs dat de werknemer een ziektekostenverzekering heeft afgesloten die alle risico's in België voor hemzelf en zijn familieleden dekt.

Altijd mee zijn met de sociaaljuridische actua en veranderingen in personeelsadministratie? Abonneer je op onze nieuwsbrief


Gerelateerde artikelen

refresh Meer artikelen